TWEEDE ZONDAG VAN PASEN Beloken Pasen/ zondag van de Goddelijke Barmhartigheid

TWEEDE ZONDAG VAN PASEN

Zondag van de Goddelijke Barmhartigheid / Beloken Pasen

Zondag 11 april

Ontsteken van het Paaslicht
Wij wenden ons naar Uw licht.
Uw licht zoeken wij vanuit onze duisternis.
Als Uw licht verschijnt
dan wordt zelfs het duister weer helder,
dan wordt ons de nacht als de dag.

Kruisteken
In de Naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest. Amen.

Openingslied
De Heer is waarlijk opgestaan, alleluia.
Nu breekt de nieuwe lente aan, alleluia.
Want Jezus, onze Koning groot, alleluia,
verrees in glorie van de dood, alleluia.
Alleluia, alleluia, alleluia.

Gij die de Vorst van vrede zijt, alleluia,
de schepping is om U verblijd, alleluia.
De morgen van de eerste dag, alleluia,
zijt Gij verrezen uit uw graf, alleluia.
Alleluia, alleluia, alleluia.

De Heer herwon zijn heerschappij, alleluia.
Hij maakt’ ons in zijn liefde vrij, alleluia.
Hij roept ons naar zijn paradijs, alleluia,
Zijn Woord en Brood zijn onze spijs, alleluia.
Alleluia, alleluia, alleluia.

Inleidend woord
Vandaag, op de 8ste dag van Pasen, wordt het Paasoctaaf afgesloten.
‘Beloken Pasen’ noemen we dat. ‘Beloken’ komt van ‘beluiken’,
wat dus ‘afsluiten’ betekent.
Maar afsluiten / beluiken kan ook verband houden met de situatie van de leerlingen.
Zij hadden immers uit angst voor de Joden deuren gebarricadeerd en ramen ‘beluikt’.

Dit is ook de zondag van de Goddelijke Barmhartigheid.
Op deze zondag wordt gevierd dat God iedere zondaar,
die berouw heeft, zal vergeven.
Laten we, vertrouwend op de goddelijke barmhartigheid,
even stil worden om ons met God en elkaar te verzoenen.

Openingsgebed
Liefdevolle God, Gij hebt uw Zoon verheerlijkt:
in Hem zijn wij herboren, en zijn vrede wenst Gij ons toe.
Vervul ons van geloof in zijn aanwezigheid;
maak ons één van hart
en laat ons wonen in zijn vrede.
Door onze Heer Jezus Christus, uw Zoon,
die met U leeft en heerst, in de eenheid van de heilige Geest, God,
door de eeuwen der eeuwen. Amen.

Eerste Lezing Handelingen 4, 32-35
De menigte die het geloof had aangenomen was één van hart en één van ziel en er was
niemand die iets van zijn bezittingen zijn eigendom noemde, integendeel, zij bezaten alles gemeenschappelijk.
Met kracht en klem legden de apostelen getuigenis af van de verrijzenis van de Heer Jezus en rijke genade rustte op hen allen.
Er was geen enkele noodlijdende onder hen, omdat allen die landerijen of huizen bezaten deze verkochten en de opbrengst ervan meebrachten om aan de voeten van de apostelen neer te leggen. Aan ieder werd daarvan uitgedeeld naar zijn behoefte.
Woord van de Heer. Wij danken God.

Evangelie Joh. 20, 19-31
Op de avond van de eerste dag van de week, toen de deuren van de verblijfplaats van de leerlingen gesloten waren uit vrees voor de joden, kwam Jezus binnen, ging in hun midden staan en zei: “Vrede zij u.” Na dit gezegd te hebben toonde Hij hun zijn handen en zijn zijde. De leerlingen waren vervuld van vreugde toen zij de Heer zagen. Nogmaals zei Jezus tot hen: “Vrede zij u. Zoals de Vader Mij gezonden heeft, zo zend Ik u.”
Na deze woorden blies Hij over hen en zei: “Ontvangt de heilige Geest. Als gij iemand zonden vergeeft, dan zijn ze vergeven, en als gij ze niet vergeeft, zijn ze niet vergeven.”
Thomas, één van de twaalf, ook Didymus genaamd, was echter niet bij hen toen Jezus kwam. De andere leerlingen vertelden hem: “Wij hebben de Heer gezien.” Maar hij antwoordde: “Zolang ik in zijn handen niet het teken van de nagelen zie, en mijn vinger in de plaats van de nagelen kan steken, en mijn hand in zijn zijde leggen, zal ik zeker niet geloven.”
Acht dagen later waren zijn leerlingen weer in het huis bijeen, en nu was Thomas erbij.
Hoewel de deuren gesloten waren, kwam Jezus binnen, ging in hun midden staan en zei:
“Vrede zij u.” Vervolgens zei Hij tot Thomas: “Kom hier met uw vinger en bezie mijn handen. Steek uw hand uit en leg die in mijn zijde en wees niet langer ongelovig maar gelovig.” Toen riep Thomas uit: “Mijn Heer en mijn God!” Toen zei Jezus tot hem:
“Omdat ge Mij gezien hebt, gelooft ge? Zalig die niet gezien en toch geloofd hebben.”
In het bijzijn van zijn leerlingen heeft Jezus nog vele andere tekenen gedaan die niet in dit boek zijn opgetekend, maar deze hier zijn opgetekend opdat gij moogt geloven dat Jezus de Christus is, de Zoon van God, en opdat gij door te geloven leven moogt in zijn Naam.

Woord van de Heer. Wij danken God.

Overweging
Na alles wat ons over de verrezen Christus is overgeleverd, kunnen wij in deze Paastijd wel uit volle borst ‘alleluja na alleluja’ zingen en dat moeten we vooral ook blijven doen, maar zo duidelijk was het voor de eerste leerlingen van Jezus allemaal niet, zo lovend en juichend hebben zij Jezus’ Opstanding aanvankelijk niet ervaren.

De evangelielezing van deze 8ste dag van Pasen beschrijft twee verschijningen van de Verrezene aan de leerlingen: de eerste zonder, en de tweede met Thomas erbij. En wat blijkt? Niet alleen de eerste, maar ook de tweede keer hebben de leerlingen zich opgesloten in de zaal van het Laatste Avondmaal. Grendels voor de deuren, alles goed gebarricadeerd, de luiken van de kamer potdicht, uit angst voor wat er gebeuren kan. Misschien zijn zij na Jezus aan de beurt. Maar ondanks die gesloten deuren komt Jezus toch binnen. De Verrezene breekt door de angst van mensen heen, om ze te ontmoeten, om ze hoop te geven, om ze te laten delen in Zijn nieuwe leven.

Paasgeloof, geloof in de Opstanding, heeft tijd nodig. De ogen moeten het schitterende nieuwe licht leren verdragen voor ze het nieuwe landschap kunnen zien. Er is dan ook geen enkel verschijningsverhaal in het Nieuwe Testament waar de herkenning van de Verrezene zonder enig probleem plaatsvindt. Bij de evangelist Marcus lezen we dat de vrouwen in paniek wegvluchtten van het graf, ze durfden het zelfs aan niemand te vertellen. En als ze hun ervaring in de versie van Lucas toch bekend maken, wuiven Jezus’ leerlingen dit verhaal weg als ‘kletspraat van vrouwen’.

Maria van Magdala denkt dat de Verrezene, die bij haar staat aan het lege graf, de tuinman is.

Op hun tocht naar Emmaüs denken de twee leerlingen dat de Verrezene die hen tegemoetkomt en met hen meeloopt een vreemdeling is.

En in andere verschijningsverhalen denken de leerlingen een geest / spook te zien.

Maar het sterkste verhaal is toch wel dat van Thomas. Van alle leerlingen is hij wel het meest het zicht op Jezus, de Verrezene, kwijt geraakt. Zijn keuze voor Jezus is op het bloedige fiasco van Golgotha uitgedraaid. En daar is zijn klok stil blijven staan op Goede Vrijdag, om drie uur in de namiddag. Daar is het boek is voor hem gesloten. En hij heeft nu onomstotelijke bewijzen nodig om het boek weer te kunnen openen. De verrezen Christus moet de angst van Thomas voor een nieuwe desillusie zelf doorbreken, om hem op te tillen naar de vreugde van het paasgeloof.

En dus mag Thomas in het verhaal van vandaag zijn handen in Jezus’ doorboorde zijde leggen, en zo ervaren dat deze Jezus dezelfde is die gekruisigd is en in een graf is gelegd. Thomas mag er zijn met al zijn twijfel, maar Jezus spoort hem wel aan om de sprong naar het paasgeloof te maken, wat Thomas dan ook met heel zijn wezen doet. Hij is de enige in de vier evangelies die Jezus ‘mijn Heer en mijn God’ heeft genoemd. Hij is de twijfelaar..…. maar ook de gelovige.

Net zoals Thomas op die Goede Vrijdag teleurgesteld afhaakte, sluiten ook mensen in onze tijd zich af voor Gods toekomst. Zij zien de harde feiten van ziekte en lijden, van dood en ondergang. Want Christus wordt steeds weer gekruisigd overal waar mensen elkaar naar het leven staan: in Syrië, Irak, Afghanistan, Zuid Soedan, in het Heilig Land zelf, en in vele andere oorlogsgebieden. En net als Thomas weten mensen zich geen raad met die barbaarse feiten. Het kwaad in de wereld vormt voor veel mensen een barrière om te kunnen geloven in een God die de wereld lief heeft.

Maar de verrezen Christus heeft een niet meer te stoppen begin gemaakt met de overwinning op kwaad en dood. En Hij zal er uiteindelijk in slagen om net als bij de leerlingen en bij Thomas, door angst en desillusie van allen heen te breken en hoop te geven op toekomst, op nieuw leven…..

Het contrast tussen het evangelie en de eerste lezing van vandaag uit de Handelingen is heel groot: terwijl Thomas dankzij de Verrezen Christus zelf met moeite zijn angst overwint en zich uiteindelijk overgeeft aan de Paasvreugde, zien we in de Handelingen het Paasgeloof van de apostelen al volop aan het werk; we zijn dan ook al enkele jaren verder. Eenmaal tot bloei gekomen, werkt dat Paasgeloof aanstekelijk. Hun vreugde is niet meer te stoppen en verspreidt zich als een vuur. Bezittingen worden dan heel betrekkelijk: je kan ze beter delen met behoeftige mensen. En de Handelingen beschrijven hoe de groep volgelingen snel groeit. De mensen brengen hun zieken zelfs op straat, in de hoop dat de schaduw van Petrus op hen zal vallen.
Wie in buurt of de schaduw van een aanstekelijke Paasgelovige komt, kan er een heilzame werking van ondervinden. Het volle Paasgeloof, dat anderen enthousiast maakt, kan alleen maar komen van de Geest. En daarom spreek ik tot slot de wens uit dat ook wij, onderweg naar Pinksteren, nu al door de Geest worden geïnspireerd, zodat ook wij de volheid van de Paasvreugde met elkaar en met alle mensen gaan delen.

Om bij stil te staan
De verrezen Heer komt met de wonden die Hij draagt, in zijn zijde, in zijn handen en voeten. Terwijl zijn leerlingen Hem in de steek hebben gelaten en Petrus Hem heeft verloochend, verwijt Hij niemand iets. In plaats daarvan spreekt Hij woorden van vrede, en geeft de leerlingen zijn grootste geschenk: zijn heilige Geest.

Gebed
Om een sterk geloof voor allen die twijfelen en zoeken: dat de verrezen Heer hun kracht mag zijn, hun vreugde en hun vrede.

Voeg uw eigen intenties toe……..

Vatten we onze gebeden samen in het gebed dat Jezus ons gegeven heeft Onze Vader…

Geestelijke communie
Heer Jezus, ik dank U voor uw Woord van Leven
waarmee U mij hebt gevoed.
Graag zou ik U ook ontmoeten
in de communie, uw Brood van Leven,
maar dat is nu onmogelijk.
Daarom bid ik: aanvaard mijn verlangen
om hecht verbonden te zijn met U.
Kom met uw liefde in mijn hart
en laat mij niet vergeten
dat uw Geest in mij woont.
Wees Gij in mij, opdat ik blijf in U
mijn Heer, en mijn God.

Korte Stilte

Slotgedachte en Zegen
Geloven is vertrouwen hebben in de toekomst,
ingaan op het Woord van Jezus.
Geloven is de weg gaan die Hij is gegaan
en mens worden zoals Hij.
Geloven is op zijn Woord,
door de nacht van de twijfel,
voortgaan naar de morgen van de hoop.
Geloven is jezelf begeven
in de liefde voor Hem en de mensen.

Geloven doe je met je hart.
In de Naam van + de Vader en de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Slotlied
De aarde is vervuld van goedertierenheid,
van goddelijk geduld en goddelijk beleid.

Gods goedheid is te groot voor het geluk alleen,
zij gaat in alle nood door heel het leven heen.

Zij daalt als vruchtbaar zaad tot in de groeve af
omdat zijn niet verlaat wie toeven in het graf.

Omdat zij niet vergeet wie godverlaten zijn:
de wereld hemelsbreed zal goede aarde zijn.

De sterren hemelhoog zijn door dit zaad bereid
als dienaars tot de oogst der goedertierenheid.

Het zaad der goedheid Gods, het hoge woord, de Heer,
valt in de voor des doods, valt in de aarde neer.

Al gij die God bemint en op zijn goedheid wacht,
de oogst ruist in de wind als psalmen in de nacht.

Dit bericht is geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink.