Signalen van hoop, troost en bemoediging 31

Hemelvaart van de Heer

Evangelie Matteüs 28,16-20
In die tijd begaven de elf leerlingen zich naar Galilea, naar de berg, die Jezus hun aangewezen had. Toen zij Hem zagen, wierpen zij zich in aanbidding neer; sommigen echter twijfelden. Jezus trad nader en sprak tot hen: “Mij is alle macht gegeven in de hemel en op aarde. Gaat dus en maakt alle volkeren tot mijn leerlingen en doopt hen in de Naam van de Vader en de Zoon en de heilige Geest en leert hun te onderhouden alles wat Ik u bevolen heb. Ziet, Ik ben met u alle dagen tot aan de voleinding der wereld.”

Overweging
‘Mannen van Galilea, wat staan jullie verbaasd naar de hemel te kijken’, zo begint het introitus op Hemelvaartsdag. Het is niet zo gek dat de leerlingen van Jezus naar boven staan te kijken want het Hoogfeest van zijn Hemelvaart wijst naar boven. Nu Hij niet meer lichamelijk onder de leerlingen aanwezig is willen ze biddend, met handen en hoofd omhoog geheven, contact met Hem houden. Maar die vraag: ‘wat staan jullie toch naar de hemel te kijken,’ zet hen weer met beide benen op de grond, want hier beneden is ook nog veel te doen. De verrezen Heer is uit hun midden. Hij is niet meer met menselijke ogen te herkennen. Maar zijn werk moet worden voortgezet, de leerlingen moeten nu zelf aan de slag. Wij richten ons in gebed ook regelmatig omhoog om daarna weer naar beneden te kijken en zelf de handen uit de mouwen te steken, totdat we, net als Jezus, thuiskomen bij de Vader.

Jezus’ Hemelvaart is geen losse gebeurtenis maar onderdeel van wat we noemen het Paasmysterie. Dat Mysterie omvat Jezus’ lijden en dood, zijn Verrijzenis en Hemelvaart en de gave van de heilige Geest op het Pinksterfeest. Samen vormen deze geloofsfacetten één fonkelende diamant. De Verrijzenis zegt ons dat de gekruisigde Jezus niet dood is, maar leeft; Hij heeft het kwaad en de dood overwonnen. En Jezus’ Hemelvaart betekent dat Jezus uit de ogen van zijn leerlingen verdwenen is en bij de Vader leeft. En als Hij er dan lichamelijk niet meer is komt Hij op een heel andere manier onder zijn volgelingen aanwezig. Door zijn heengaan komt er ruimte voor de Geest. Jezus’ aanwezigheid wordt zo niet langer beperkt tot de plaats waar Hij lichamelijk aanwezig is, maar de liefde van zijn Geest wordt in de harten van de mensen uitgestort en zo is Hij altijd en overal aanwezig!

Hemelvaart vormt het scharnier tussen Jezus’ eigen optreden en de zending van de Kerk op het feest van Pinksteren. Door de Geest krijgen de leerlingen moed en inspiratie om de Blijde Boodschap in woord en daad te verkondigen. ‘De Blijde Boodschap’ dat de kracht van de Liefde het kwaad zal overwinnen. Ze breken het Brood, bezoeken en genezen zieken en waar ze komen brengen ze vrede en vreugde. ‘Gaat dus’, zegt Jezus, ‘en maakt alle volkeren tot mijn leerlingen en doopt hen in de naam van de Vader en de Zoon en de heilige Geest.’ Het is de tekst die ook in ons prachtige doopvont gebeiteld staat.

We slaan na Hemelvaart heel direct de weg naar Pinksteren in. Bidt u de Pinksternoveen met ons mee. Het zal uw geloof verdiepen en u wordt zich weer meer bewust van de werking van de heilige Geest in uw leven. Hij steunt u om in woord en daad getuige te zijn van de Blijde Boodschap.

Voorbereiding op de Pinksternoveen

NOVEEN

Een noveen, van het Latijnse woord ‘novena’, dat ‘negen’ betekent, bestaat uit gebeden die gedurende negen opeenvolgende dagen gebeden worden. De oervorm van de noveen is de Pinksternoveen, die zijn wortels vindt in de heilige Schrift, in de Handelingen van de Apostelen (1,13 e.v.). Daar wordt beschreven hoe de apostelen, samen met Maria, de moeder van de Heer, ‘eensgezind bleven volharden in het gebed’, tot aan de dag van Pinksteren, de komst van de heilige Geest.

Wij hoeven de geschiedenis niet over te doen. God heeft zijn Geest reeds gegeven. Maar juist de tijd tussen Hemelvaart en Pinksteren is zo’n aangewezen tijd om te bidden voor een rijke werking van de heilige Geest in ons leven. Zoals in de adventsweken wordt uitgezien naar Kerstmis, naar de geboorte van Christus, wordt in de Pinksternoveen uitgezien naar Pinksteren en de doorwerking van de heilige Geest. Jaarlijks bidt de Kerk daarom de negen dagen voorafgaand aan het feest van Pinksteren voor de komst van de heilige Geest.

Iedere dag van de noveen is er een centraal thema met één of enkele verzen uit de Heilige Schrift, een paar gedachten over de Schrifttekst en een gebed.

En er worden gebeden en liederen voorgesteld waar u voor het openingsgebed en het slotlied dagelijks een keuze uit kunt maken. Lees het boekje niet in één keer door, maar bid dag na dag. Het gaat erom dat u iedere noveendag biddend bezig bent met de Kerk en de wereld opdat de liefdevolle werking van de heilige Geest ons leven, de Kerk en de wereld kan vernieuwen. Misschien laat u tijdens uw gebed ook een kaarsje branden.

Op Hemelvaartsdag publiceren we de gebeden en liederen. Op vrijdag starten we met de noveen. 

 

Dit bericht is geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink.