H. FAMILIE, OM THUIS TE BIDDEN

27 december

HEILIGE FAMILIE, JEZUS, MARIA, JOZEF

Ontsteken van het Licht dat schijnt in de duisternis

Inleiding
Terwijl het feest van Kerstmis stamt uit de vierde eeuw, is het feest van de Heilige Familie pas van de twintigste eeuw. In de kersttijd staan we stil bij Jezus, Maria en Jozef in heel verschillende omstandigheden. Met dit feest van de Heilige Familie staan we stil bij hen als gezin. En vandaag dan Jezus’ opdracht in de tempel van Jeruzalem. Ze zijn ondergedompeld in de Joodse Traditie. Groeien in geloven gebeurt op de eerste plaats in een warm en hartelijk gezin / familie / traditie.
In al zijn eenvoud zien we het gezin afgebeeld op een van de panelen naast het tabernakel in onze kerk. We zien daarop Jezus als zoon van Jozef, de timmerman. Hij helpt zijn vader in de werkplaats, terwijl Maria, bezig is op het spinnenwiel.

Openingslied
1. Nu zijt wellekome Jesu, lieve Heer,
Gij komt van alzo hoge, van alzo veer.
Nu zijt wellekome van de hoge hemel neer.
Hier al in dit aardrijk zijt Gij gezien nooit meer. Kyrieleis.

2. Christe Kyrieleison, laat ons zingen blij,
Daarmeed’ ook onze leisen beginnen vrij.
Jezus is geboren op de heilige kerstnacht,
Van een Maged reine, die hoog moet zijn geacht. Kyrieleis.

3. D’ herders op den velde hoorden een nieuw lied,
dat Jezus was geboren, zij wisten ’t niet.
“Gaat aan geender straten en gij zult Hem vinden klaar;
Bethl’em is de stede, waar ’t is geschied voorwaar.” Kyrieleis.

Gebed
In de Naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest. Amen.
Heer, in uw goedheid hebt Gij ons de heilige Familie als voorbeeld gegeven.
Geef dat wij hen navolgen door een goed gezinsleven en onderlinge liefde,
om eens in de vreugde van uw huis het eeuwig geluk te mogen genieten.
Door onze Heer Jezus Christus, uw Zoon, die met U leeft en heerst, in de eenheid van de heilige Geest, God, door de eeuwen der eeuwen. Amen.

Evangelie Lucas 2, 22-40
Toen de tijd aanbrak, waarop Maria en het Kind volgens de Wet van Mozes gereinigd moesten worden, brachten zijn ouders Jezus naar Jeruzalem om Hem aan de Heer op te dragen, volgens het voorschrift van de Wet des Heren: elke eerstgeborene van het mannelijk geslacht moet aan de Heer worden toegeheiligd, en om volgens de bepalingen van de Wet des Heren een offer te brengen, namelijk een koppel tortels of twee jonge duiven.
Nu leefde er in Jeruzalem een zekere Simeon, een wetgetrouw en vroom man, die Israëls vertroosting verwachtte, en de heilige Geest rustte op hem. Hij had een godsspraak ontvangen van de heilige Geest dat de dood hem niet zou treffen, voordat hij de Gezalfde des Heren zou hebben aanschouwd. Door de Geest gedreven was hij naar de tempel gekomen. Toen de ouders het Kind Jezus daar binnenbrachten om aan Hem het voorschrift der Wet te vervullen, nam Simeon het Kind in zijn armen en verkondigde Gods lof met de woorden:
‘Uw dienaar laat Gij, Heer, nu naar uw woord in vrede gaan: mijn ogen hebben thans uw Heil aanschouwd dat Gij voor alle volken hebt bereid; een licht dat voor de heidenen straalt, een glorie voor uw volk Israël.’
Zijn vader en moeder stonden verbaasd over wat van hem gezegd werd. Daarop sprak Simeon over hen een zegen uit en hij zei tot Maria, zijn moeder: ‘Zie, dit Kind is bestemd tot val of opstanding van velen in Israël, tot een teken dat weersproken wordt, opdat de gezindheid van vele harten openbaar moge worden; en uw eigen ziel zal door een zwaard worden doorboord.’
Er was ook een profetes, Hanna, een dochter van Fanuël, uit de stam van Aser. Zij was hoogbejaard en na haar jeugd had zij zeven jaren met haar man geleefd. Nu was zij een weduwe van vierentachtig jaar. Ze verbleef voortdurend in de tempel en diende God dag en nacht door vasten en gebed. Op dit ogenblik kwam zij naderbij, dankte God en sprak over het Kind tot allen die de bevrijding van Jeruzalem verwachtten. Toen zij alle voorschriften van de Wet des Heren vervuld hadden, keerden zij naar Galilea, naar hun stad Nazareth terug.
Het Kind groeide op en nam toe in krachten; het werd vervuld van wijsheid en de genade Gods rustte op Hem.

Overweging
Deze zondag na Kerstmis lezen we over de naamgeving, besnijdenis en opdracht van het Kind in de kribbe. Hij krijgt de naam Jezus, dat betekent: ‘God bevrijdt’. En dan kunnen we ons afvragen: Hoe kan dit Kind Jezus / God ons bevrijden? En waarvan / waaruit willen wij bevrijd worden. Uit onze vooroordelen – onze armoede – uit de eenzaamheid door het virus veroorzaakt? Of gaat het om bevrijding van het onrecht dat kinderen wordt aangedaan in de vluchtelingenkampen? Hoe kan het gezin, de heilige Familie, ons inspireren om naar wegen te zoeken die ons bevrijden?
Als Maria en Jozef op de achtste dag hun kind naar de tempel brengen neemt de oude Simeon het kindje in zijn armen en ziet dat in dit kind Gods redding aan het licht zal komen. Maar tegen Maria zegt hij dat haar zoon omstreden zal zijn, teken van val en opstanding van Israël. De nog oudere vrouw die erbij aanwezig is, Hanna, zegent het kind met het oog op de bevrijding van Jeruzalem.
Dit bijzondere gezin heeft wel een heel bijzonder kind dat opgroeit in de geest van de Tora, de eerste vijf boeken van de Joodse Bijbel. Want er staat in het evangelie: Gods genade rust op hem en hij groeit op in wijsheid. Dat is misschien voor ons een houvast: Opgroeien in wijsheid, hoe doen we dat? De Tora leert dat eerbied voor de Eeuwige het begin is van alle wijsheid. Eerbied toon je door eer te brengen. En we brengen de Eeuwig eer door zijn wegen te gaan; wegen van trouw en zachtmoedigheid. Jezus’ ouders zijn hem daarbij tot voorbeeld: zij vertrouwen op de Eeuwige. En daarbij staat Jezus in een opmerkelijke traditie. Generaties voor hem hebben bevrijding ervaren. Toen ze slaaf waren durfden ze, met vallen en opstaan, op weg te gaan naar een veelbelovend land. Jezus’ gezin en de traditie waarin hij opgroeide hebben hem op het spoor gezet van God die bevrijdt.
Voor ons betekent dit dat wij bij onze ouders (hebben) mogen beluisteren, hoe zij getuigen van hun hoop op bevrijding, wat hun diepste beweegredenen zijn (geweest). En we realiseren ons hoe wij verbonden zijn met een wereldwijde gemeenschap van mensen die zich al vele eeuwen gedragen weet door Gods bezorgdheid voor hun welzijn. Onze ouders en die wereldwijde gemeenschap hebben ons op het spoor gezet van de Eeuwige, op het spoor van zijn wegen van trouw en zachtmoedigheid.
(Met dank aan Paulus van Mansfeld)

Een korte stilte

Slotgebed
Goede Vader, geef ons de kracht
om het voorbeeld van de heilige Familie na te volgen,
en laat ons na de zorgen van dit leven
voor eeuwig delen in hun geluk.
Door Christus onze Heer. Amen.

Dit bericht is geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink.